Articles
Quis nomen tenerum convivae contemnat? De constructie van de persona in J. C. Scaligers vijfde satire
- Shari Boodts
Volume 64 • 2010 • 3-17
Hermes en Simplicius in Ḥarrān: Over middeleeuwse en moderne mythevorming in de geschiedenis van de filosofie
- Daniel De Smet
Volume 64 • 2010 • 19-33
Narratieve schokken, narratologische verschuivingen: Kleists Erdbeben in Chili herbekeken
- Helena Elshout
Volume 64 • 2010 • 35-56
“De ‘neuklassische’ tragedie als moreel exempel voor een nieuwe maatschappij”: Paul Ernsts Demetrios, een tijdloze tragedie
- Zoë Ghyselinck
Volume 64 • 2010 • 57-72
De Roman als Schilderij: Vladimir Nabokov en Jean Rousset
- Flora Keersmaekers
Volume 64 • 2010 • 73-87
De historische imperatief: Elementen voor een moderne benadering van klassieke literatuur
- Jeroen Lauwers
Volume 64 • 2010 • 89-99
“Papa, hoe was ’t vandaag bij u op ’t werk?”: Taalvariatie en dialect binnen het gezin. Een onderzoek bij vier Groot-Aalsterse gezinnen
- Renée Moernaut
Volume 64 • 2010 • 101-115
Vies en Vlaams: de literaire contestatie uit de jaren zestig: Een analyse van het gestencilde tijdschrift daele (1966-1968)
- Liesbeth Plateau
Volume 64 • 2010 • 117-128
Sprookjes in tijden van “crisis”: Een functionalistische benadering van een literair fenomeen
- Stijn Praet
Volume 64 • 2010 • 129-146
Veel talen, één brein: Wat een studie van het meertalige kinderbrein ons leert over de effecten van verschillende vormen van tweedetaalverwerving
- Esli Struys
Volume 64 • 2010 • 147-163