Artikel

Over de maatschappelijke legitimering van het wetenschappelijk seksonderzoek: een kennissociologische reflectie

Author: Lieven Vandekerckhove orcid logo

  • Over de maatschappelijke legitimering van het wetenschappelijk seksonderzoek: een kennissociologische reflectie

    Artikel

    Over de maatschappelijke legitimering van het wetenschappelijk seksonderzoek: een kennissociologische reflectie

    Author:

Abstract

Aan de orde in dit artikel is de vraag of de buitengewone groei van het wetenschappelijk seksonderzoek kan geïnterpreteerd worden als indicator van een progressieve deïnstitutionalisering van het seksueel taboe. Een onderzoek van de maatschappelijke voorwaarden waaronder het seksonderzoek zich kon ontwikkelen, noopt tot een negatief antwoord op deze vraag. Het seksonderzoek is maatschappelijk mogelijk geworden omdat het krachtens zijn eigen aard de garantie inhoudt dat het seksueel taboe erin gerespecteerd zal worden. Immers, de intern-maatschappelijke eis tot objectiviteit impliceert dat de partners in de (wetenschappelijke) communicatie iedere motivering tot expressieve betekenisgeving uitsluiten, impliceert dus a priori dat zij aan hun communicatie geen seksueel-gratificerende betekenis geven. Door dit laatste komen de communicatiepartners niet alleen tegemoet aan de instrumentele vereisten van de wetenschappelijke activiteit zelf, maar tegelijk ook aan de externe (nl. morele) vereiste tot isolering en privatisering van het seksueel gratificatiestreven, wat precies de kern vormt van het seksueel taboe. Is conformiteit aan de objectiviteitsnorm in het seksonderzoek dus enerzijds een bron van harmonie tussen wetenschap en samenleving omdat ze ten aanzien van deze laatste de eerbiediging garandeert van de meest centrale seksuele norm, zij is anderzijds ook een bron van spanning in deze relatie. De objectiviteitsnorm impliceert immers niet alleen dat het seksonderzoek affectiefneutraal dient te blijven, maar ook dat het moreel neutraal dient te blijven. Deze laatste vereiste, nu, blijkt maatschappelijke weerstand op te roepen tegen het objectief seksonderzoek voor zover daarin een moreel categoriseerbaar object bestudeerd wordt, d.i. voor zover daarin het seksueel handelen bestudeerd wordt. De atudie van het seksueel handelen maakt slechts aanspraak op maatschappelijke legitimiteit voor zover in deze studie de ethische onderscheidingen gerespecteerd worden die in het maatschappelijk leven zelf fungeren als criteria voor legitimiteit van dit handelen. M.a.w., de studie van het seksueel handelen komt voor maatschappelijke aanvaatding in aanmerking als ze in ideologisch orthodoxe termen geconcipieerd wordt. Objectiviteit is dus finaal niet mogelijk in zulke studie omdat de twee constitutieve aspecten van de objectiviteit tegenstrijdig gewaardeerd worden in de samenleving. Conditio sine qua non voor het seksonderzoek zijn : enerzijds, de rigoureuse handhaving van het eerste aspect van de objectiviteit (de affectieve neutraliteit) op grond van de sterke sanctionering van het seksueel taboe; anderzijds, de subordinatie van het tweede aspect van de objectiviteit (de morele neutraliteit) aan de integratiebelangen van de gemeenschap.

How to Cite:

Vandekerckhove, L., (1981) “Over de maatschappelijke legitimering van het wetenschappelijk seksonderzoek: een kennissociologische reflectie”, Tijdschrift voor Sociologie 2(1), 71–95. doi: https://doi.org/10.21825/sociologos.85778

Downloads:
Download PDF
View PDF

140 Views

11 Downloads

Published on
20 Jun 1981
License