Bijdragen & Bronnen

'Nationale onverschilligheid', de Habsburgmonarchie en België. Een review van recente literatuur

Author
  • Maarten Van Ginderachter

Abstract

Het begrip ‘national indifference’ is sinds 2000 in zwang bij historici die onderzoek doen naar Centraal-Europa (vooral naar de Oostenrijkse helft van de Dubbelmonarchie). Ze betogen dat het Habsburgse rijk niet gedoemd was om ten onder te gaan aan het nationaliteitenconflict. De meerderheid van de bevolking was immers ‘nationaal onverschillig’ in drie betekenissen: ze wezen al dan niet bewust nationale denkcategorieën af, ze veranderden hun nationale loyauteit opportunistisch en verwierpen de claims van nationalisten door bijvoorbeeld vast te houden aan meertaligheidspraktijken. Nationale onverschilligheid is expliciet geen pre-modern relict, maar integendeel een zeer moderne reactie op de (nationalistische) massapolitiek.
In dit artikel introduceer ik het begrip en analyseer ik de toepasbaarheid ervan voor de Belgische casus. Hoewel ik enkele cruciale punten van kritiek formuleer, blijf ik overtuigd van het nut en het bestaansrecht van het begrip. De belangrijkste reden is dat ‘national indifference’ toelaat om een van de cruciale vraagstukken binnen het natie- en nationalismeonderzoek te thematiseren, met name de vraag in welke mate nationalistische vertogen vanwege elites, overheden of sociale bewegingen uit de middenklasse weerklank vinden aan de basis van de samenleving. De onderzoekstraditie van het banale nationalisme gaat ervan uit dat de intensiteit van deze vertogen recht evenredig is met de interiorisatie ervan door het geïntendeerde publiek. Het paradigma van de nationale onverschilligheid vertrekt van een tegengestelde inschatting, namelijk het idee dat hevige nationalistische vertogen in feite een zwaktebod zijn die verhullen dat het gewone volk zich bewust of onbewust verzet.
________

“National Indifference,” the Habsburg Monarchy, and Belgium. A Review of Recent Literature
Since 2000, the concept of ‘national indifference’ has been fashionable among historians of Central Europe (above all the Austrian half of the Dual Monarchy). They argue that the Habsburg Empire was not doomed to fail because of nationalities conflict. The majority of the population was still ‘nationally indifferent’ in three senses: they rejected national(ist) categories, they changed their national loyalty opportunistically, and they repudiated the claims of nationalists by, for example, holding on to multilingualism. National indifference is explicitly not a premodern relic, but on the contrary a very modern reaction to (nationalist) mass politics.
In this article I introduce this concept and analyse its applicability for the Belgian case. While I formulate a few crucial points of criticism, I remain convinced of its usefulness. The most important reason is that ‘national indifferences’ allows us to thematize one of the crucial questions in research on nations and nationalism, namely the question of to what extent nationalist displays on the part of elites, governments, or middle-class social movements found an echo among the common people. The research tradition of ‘banal nationalism’ assumes that the intensity of these displays is directly proportional to the extent to which the intended public internalizes them. The paradigm of national indifference proceeds from an opposing assumption, namely the idea that intense nationalist displays are a show of weakness which hide the fact that the common people consciously or unconsciously resist them.

How to Cite:

Van Ginderachter, M., (2015) “'Nationale onverschilligheid', de Habsburgmonarchie en België. Een review van recente literatuur”, WT. Tijdschrift over de geschiedenis van de Vlaamse beweging 74(4), 197-216. doi: https://doi.org/10.21825/wt.v74i4.12083

Downloads:
Download PDF
View PDF

347 Views

107 Downloads

Published on
23 Dec 2015
Peer Reviewed
License