Skip to main content
Bijdragen

Nederlands aan het loket in Belgisch-Congo? De ministeriële werkgroep belast met het voorbereiden van een decreet over het taalgebruik in het koloniale openbaar bestuur (1957-1958)


Samenvatting

In 1957 werd een decreet uitgevaardigd dat Vlamingen in Belgisch-Congo het recht gaf in rechtbanken in de kolonie in het Nederlands gehoord en berecht te worden. Daaropvolgend riep minister van Koloniën Auguste Buisseret een werkgroep samen die een decreet moest voorbereiden om diezelfde rechten uit te breiden naar de koloniale openbare administratie. Onze bijdrage onderzoekt de werking en debatten van deze werkgroep, die vanaf het begin in een Franstalig en een Nederlandstalig kamp was verdeeld en tussen mei 1957 en mei 1958 vijftien keer samenkwam. De Franstalige leden wilden Frans behouden als enige administratieve taal met beperkte faciliteiten voor Nederlandstaligen, onder meer omdat zij individuele tweetaligheid onpraktisch vonden en nadelig voor Congolese ambtenaren. De Nederlandstalige leden stelden de drietaligheid van Belgische ambtenaren (Frans, Nederlands, Congolese taal) en de tweetaligheid van Congolezen (een Belgische en een Congolese taal) voorop. De debatten waren intens en gekenmerkt door diep wederzijds wantrouwen. Ze liepen fundamenteel vast op een cruciaal verschil in onuitgesproken aspiratie: de Franstalige leden wilden via het nieuwe decreet de historisch dominante rol van het Frans in de kolonie juridisch verankeren, terwijl de Nederlandstaligen met het decreet een nieuwe wettelijke basis nastreefden om de feitelijke situatie in Congo net ingrijpend te veranderen. Dit onoverbrugbare onderscheid, in combinatie met wederzijdse argwaan, maakte het de werkgroep onmogelijk om de minister van Koloniën één unaniem gedragen voorontwerp van decreet over te dragen. Door het proces van de onderhandelingen te reconstrueren, kunnen evenwel de denkpatronen, belangen en taalideologieën van de toenmalige actoren en hun entourages, zowel in Congo als in België, aan de oppervlakte gebracht worden.

Dutch at the front office in the Belgian Congo? The ministerial working group tasked with drafting a decree on the use of language in the colonial public administration (1957-1958)

In 1957, a decree was issued granting Flemish people in the Belgian Congo the right to be heard and tried in Dutch in the colony’s judicial courts. Following the proclamation, the Minister for the Colonies, Auguste Buisseret, convened a working group and tasked it with drafting a decree to extend those same rights to the colonial public administration. This article examines the workings and debates of said working group, which was divided into a French-speaking and a Dutch-speaking camp from the start and met fifteen times between May 1957 and May 1958. The French-speaking members wished to retain French as the sole administrative language with limited facilities for Dutch speakers, partly because they considered individual bilingualism impractical and disadvantageous for Congolese civil servants. The Dutch-speaking members, by contrast, stressed the trilingual knowledge of Belgian civil servants (French, Dutch, a Congolese language) and the bilingualism of Congolese people (a Belgian and a Congolese language). The debates were intense and marked by deep mutual distrust. They fundamentally stalled over a crucial difference in their unspoken aspirations: the French-speaking members sought to use the new decree to legally enshrine the historically dominant role of French in the colony, whilst the Dutch-speaking members aimed to use the decree to establish a new legal basis for radically changing the situation in Congo. This insurmountable divide, combined with mutual suspicion, made it impossible for the working group to submit a unanimously supported draft decree to the Minister for the Colonies. By reconstructing the negotiation process, however, the thought patterns, interests and language ideologies of the actors and their entourages, both in Congo and in Belgium, can be brought to light.

Hoe citeren:

Meeuwis, M. & Michels, P., (2026) “Nederlands aan het loket in Belgisch-Congo? De ministeriële werkgroep belast met het voorbereiden van een decreet over het taalgebruik in het koloniale openbaar bestuur (1957-1958)”, WT. Tijdschrift over de geschiedenis van de Vlaamse beweging 85(2), 243-273. doi: https://doi.org/10.21825/wt.101111

Downloads:
Download PDF
View PDF

169 Views

46 Downloads

Gepubliceerd op
2026-06-30

Peer reviewed