Abstract
Onder het motto ‘samen ruimte maken’ wil het burger-gedreven, co-creatieve stadsonderzoek zoveel mogelijk ervaringen betrekken in het vorm geven van de stad. Op die manier zou men meer ‘maatschappelijk’ en ‘systemisch impact’ kunnen realiseren. Vraag is of deelnemers aan de co-creatie toegang hebben tot hun ervaringen en of die ervaringen kennis bevatten die voor het ‘samen ruimte maken’ relevant is? Het antwoord is tweevoudig omwille van de tweevoudige, hegemonische structuur van stedelijke ervaringskennis. Ervaringskennis werkt immers vervreemdend maar ze is ook potentieel emanciperend. Deze hegemonische structuur verplicht ons om eerst stadsonderzoek te doen, met name naar de onveranderlijkheid zoals die ondermeer ingeschreven staat in de ruimte, in de waarneming ervan en de omgang ermee. De onderzoeker vraagt beter niet naar de beleving van de (problemen in de) omgeving; hij focust beter op de ervaringskennis zoals die bestaat in het omgaan met de dingen en het handelend waarnemen van eigen en andermans omgang. De onderzoeksvraag is wat mensen voor waar aannemen gezien de plek waar ze wonen, de geschiedenis van die plek; gezien de fysieke en ‘sociale’ dingen en praktijken waarmee ze (moeten) omgaan, de gebouwde omgeving resp. medebewoners en voorzieningen. Ervaringsgericht co-creatief stadsonderzoek kan die aannames pas openbreken als men ze eerst samen met de betrokkenen in kaart heeft gebracht. Dit onderzoeks- en leerproces krijgt juist dan een politiek gehalte.
Keywords: Gramsci, Lefebvre, stedelijke ervaringskennis, stadsonderzoek met en door leken, tegen-hegemonische narratieven, waarneming, betekenis en bewustzijn, sociaal-ruimtelijk (actie)onderzoek
How to Cite:
blondeel, p., (2025) “‘Uw ervaring is de uwe niet’. Sociaal-ruimtelijk onderzoek maakt haar politieke dimensie beter waar indien ze de hegemonie lokaal openbreekt en publiek maakt.”, Ruimte & Maatschappij 16(1). doi: https://doi.org/10.21825/renm.92055
Downloads:
Download PDF
View PDF
10 Views
2 Downloads